Johan Huizinga (links) en Gert Jan Wijma. ins en outs en de mogelijke valkuilen.’ Het resultaat was een redelijk sociaal plan, volgens de oude kantonrechtersformule, met een ruim opleidings- en omscholingsbudget en speciale voorzieningen voor mensen die gerepatrieerd werden. Er was een uitlooptijd van vijf maanden om naar nieuw werk te zoeken, desnoods in de tijd van de baas. Als een betrekking bij een nieuwe baas binnen een paar maanden alsnog zou afketsen, konden de oud-werknemers alsnog gebruik maken van het sociaal plan. Heel veel collega’s zijn daar al mee aan het werk gegaan, niet alleen binnen hun eigen discipline maar ook daarbuiten. Zo heeft er iemand een opleiding tot ijsmaker gevolgd en een ander tot schrijnwerker. Huizinga en Wijma zelf willen graag iets met hun ervaring in de or doen, bijvoorbeeld in de sfeer van training en begeleiding. Doelgroepen In zijn nieuwe vorm heeft de sterk afgeslankte Wereldomroep, die voortaan valt onder het ministerie van Buitenlandse Zaken, maar vier jaar de tijd om zijn bestaansrecht te bewijzen. ‘De directie schoof het publiceren van plannen daarvoor steeds maar voor zich uit’, vertelt Huizinga. ‘Vier jaar is niet lang als je een compleet nieuw verhaal neer moet zetten. Globaal wisten we wel waar het naar toeging: het vrije woord, de vrijheid van meningsuiting, dat soort dingen. Maar ze moesten hun missie, hun doelgroepen en hun programma’s concreter maken. Hoe ga je dat precies doen? In het uiteindelijke verhaal heeft het wel vorm gekregen, maar op zo’n manier dat wij er niet vrolijk van werden. De doelgroepen bestrijken zo’n breed scala, en dat kan ook nog per regio www.orinformatie.nl @informatief verschillen. In heel brede termen werd geschetst wat voor middelen er moesten worden gebruikt, met sociale media en dergelijke. Maar dat strookte dan weer niet met het be reik van internet in die doelgebieden.’ Wijma geeft een voorbeeld: ‘Zo wilden ze Cuba bereiken via internet. Degene die dat bedacht heeft, was tot voor kort veranwoordelijk voor het Chinees taalgebieden die dacht waarschijnlijk: nou ja, het is ook communistisch en daar bloggen ze veel. Maar wat bleek? Onze correspondent daar heeft onderzoek gedaan en die concludeerde dat de bloggers ter plekke voornamelijk voor elkaar blogden. De studenten bereik je dus bijvoorbeeld niet. Als je in je budget ruimte vrijmaakt voor kortegolfradio, dan bereik je die wel: de toekomstige beslissers. Dat is er dus uiteindelijk wel gekomen voor Cuba, Venezuela, Ecuador en zo, maar bijvoorbeeld Mexico verdween uit het verhaal. Terwijl ook daar een journalist, als hij gewoon zijn werk doet, kan worden opgehangen en gefileerd door drugsbazen. Dus doe daar ook wat mee. Uiteindelijk is dat ook wel gebeurd, en zeiden we bij onszelf: nou ja, we hebben 29 aanbevelingen gedaan en daarvan zijn er 28 overgenomen.’ Huizinga: ‘Wij wilden dat allemaal nog als oude ondernemingsraad afhandelen, want de hele or is ook vertrokken. Maar dat is niet gelukt, door allerlei vertragingstactieken. Wij hadden heel concrete denkbeelden over wat je kon gaan doen, met wat voor middelen en welke programma’s. Hoe ga je het effect daarvan meten en hoe stap je eruit als het niet werkt? Maar we hebben het ‘Het was allemaal een beetje een rituele dans’ helaas onaf in handen moeten geven van de nieuwe or.’ Wijma: ‘Ze wilden gaan werken met projecten, maar daarvoor heb je toch ook criteria nodig. Op welke gronden zegt een hoofd: doe mij maar een project. Dat ging allemaal tamelijk hap-snap. Maar voor al die dingen is de kennis wel degelijk in huis. Daarnaast moet elk taalgebied zijn eigen marketing gaan doen. De mensen die dat hadden kunnen doen, waren gewoon aanwezig. En dat is niet onbelangrijk, want het heeft ook weer te maken met fondsenwerving. Over vier jaar moet vijftig procent van de begroting uit externe middelen komen. Dat lukt natuurlijk nooit, want daar hebben we als, tussen aanhalingstekens, luie publieke omroep helemaal geen ervaring mee. Ga er maar aan staan: je moet er expertise voor opbouwen, mensen voor opleiden en nieuwe mensen voor inhuren. Wij hebben er geen goed gevoel bij dat we geen tijd hebben gekregen om dat af te ronden voordat er een nieuwe or komt. Maar er speelt nog iets anders: er moest een nieuwe directeur komen. Het kost wat tijd om zo iemand te werven. De opstelling van de oude directeur was: de globale plannen maken wij, maar de invulling daarvan moet door de nieuwe bemanning gebeuren. Dan moet die nieuwe ploeg er ook zitten en heb je een paar maanden nodig om begin januari van start te kunnen gaan. Dat kan dus nooit, want de nieuwe directeur zit er pas sinds medio oktober en de nieuwe hoofdredacteur begint pas in januari. Hij zal in december al wel aanwezig zijn, maar het is allemaal rijkelijk laat.’ Beperkte bevoegdheden Een belangrijke conclusie die de or zelf trok, was dat er snel een nieuw directieteam aan de slag moest; van de oude club verwachtten ze niet veel meer. Hoewel de or op dit terrein maar beperkte bevoegdheden heeft, verwijten Huizinga en Wijma zichzelf wel dat ze niet meer druk op de ketel hebben gezet. Beiden vinden ze dat er eigenlijk op het moment dat duidelijk werd dat het budget van de organisatie niet met een kwart, maar met veel meer zou worden gekort, een nieuwe leiding had moeten aantreden. Misschien een goed punt om te verwerken in trainingen die ze nu kunnen gaan geven aan or-leden. OR informatie 12 | december 2012 ■ 29 Pagina 28

Pagina 30

Voor artikelen, online boeken en vakbladen zie het Online Touch online publisher CMS systeem. Met de mogelijkheid voor een webwinkel in uw folders.

OR informatie december 2012 Lees publicatie 1Home


You need flash player to view this online publication